Kennisontwikkeling burgerboerderij Oosterwold: vergelijking inzet materieel in combinatie met arbeid
2 maart 2026

Burgerboerderij Oosterwold maakt deel uit van de coöperatie Burgerboerderijen. Binnen de coöperatie zijn zes burgerboerderijen actief. Drie daarvan zijn demobedrijf en nemen deel aan dit traject: de Patrijs, Oosterwold en de Biesterhof. In 2025 onderzocht CLM voor elk van hen, aan de hand van een specifieke casus, de relatie tussen burgerbetrokkenheid, verduurzaming en bedrijfsperspectief.

Oosterwold
Burgerboerderij Oosterwold ligt in het buitengebied van Almere. Het is een initiatief dat bestaat uit een mozaïek van kleinschalige ondernemingen, die samen een duurzaam landbouwbedrijf vormen. Op zo’n 50 hectare worden melkvee en buitenvarkens gehouden, akkerbouwgewassen geteeld en een zelfoogsttuin onderhouden. De kalfjes blijven bij de moeder, waardoor ook een vleesveetak ontstaat. Het vleesvee graast in een natuurgebied langs de snelweg, dat is de beheersvorm. Op het erf is een boerderijwinkel en daar zijn diverse ondernemers gevestigd, die voedsel of biobased bouwmaterialen
produceren.

Vanuit de overtuiging dat ons huidige landbouw- en voedselsysteem vastloopt, zoeken Diana en Arnold van Veelen naar nieuwe manieren voor landbouw onder eigen regie. Bij Burgerboerderij Oosterwold wordt geprobeerd om het landbouwsysteem opnieuw vorm te geven, met ruimte voor samenwerking, gemeenschap en een ander economisch denken. Het doel is dat de burger weer onderdeel wordt van het voedselsysteem.

Casus en onderzoeksvraag
Om onderzoek te doen naar de samenhang tussen burgerbetrokkenheid, verduurzaming en bedrijfperspectief, zijn we met de drie burgerboerderijen op zoek gegaan naar een passend voorbeeld van een maatregel/aanpak op het bedrijf, die als casus kandienen. Bij Oosterwold stond de volgende vraag centraal:

➔ Is het duurzamer om met kleinere, oudere en arbeidsintensieveremachines, in combinatie met hulp van burgers, te werken, dan met groot materieel?
Om deze vraag in de praktijk te toetsen zijn op hetzelfde perceel zowel kleine pakjes stro gemaakt, met behulp van een kleine traditionele machine en de benodigde mankracht, als grote balen met behulp van groot materieel. Daarbij is naar de volgende onderdelen gekeken:

  1. Praktisch: Is het uitvoerbaar?
  2. Efficiëntie: Welke methode vergt de minste energie?

Deze onderzoeksvraag past bij alle drie de aspecten: alleen door klanten te enthousiasmeren over de wijze voor het maken van de stropakjes (burgerbetrokkenheid), is er genoeg arbeid (bedrijfsperspectief) om deze aanpak (verduurzaming) mogelijk te maken.

Rapporten andere burgerboerderijen

Download de bijbehorende rapportage
Download pdf