|
![]() |
||||||
![]() |
Natuur op het bedrijf wint terreinDit artikel is in aangepaste vorm gepubliceerd in Boerderij d.d. 5 februari 2002 door Adriaan Guldemond. Agrarische natuurverenigingen doen het goed. Uit een enquête van het Centrum voor Landbouw en Milieu blijkt dat het aantal verenigingen de laatste 5 jaar is vervijfvoudigd tot 100. Samen bestrijken ze ruim een kwart van de totale agrarische cultuurgrond. Maar het is nog te vroeg om de vlag uit te hangen voor natuur bij de boer. Financiële en organisatorische knelpunten moeten worden aangepakt. Agrarische natuurverenigingen voeren een grote diversiteit aan natuurbeheer uit. Afhankelijk van het gebied waar ze voorkomen: weidevogels en slootkanten op het veen, erfbeplanting, poelen en houtwallen op het zand en ganzenbeheer en uilenkasten op de klei. Maar de verenigingen lopen ook tegen knelpunten aan, zoals rigide en ingewikkelde procedures, en het ontbreken van of onzekerheid over continuïteit van de financiering. Ook is de interne organisatie van een natuurvereniging vaak niet optimaal. Ik vind dat de overheden er in ieder geval voor moeten zorgen dat er genoeg geld is om alle aanvragen van boeren en agrarische natuurverenigingen voor versterking van natuur en landschap te honoreren. Niets is zo frustrerend om te horen dat de pot leeg is! Daarnaast is er ca. 130 mln. extra nodig om de toekomstige beleidsvoornemens voor verbetering van het landschap te kunnen realiseren. Maar dat geld hoeft niet alleen van de rijksoverheid te komen. Provincies en gemeenten kunnen zelf aanvullende regelingen ontwikkelen, juist ook voor die natuur die niet door het rijk via het Programma Beheer wordt gedekt. Maar ik denk ook aan compensatiegelden voor het aanleggen van infrastructuur, woonwijken of bedrijventerreinen. Ik vind ook dat agrarische natuurverenigingen zich verder moeten ontwikkelen tot professionele organisaties. De ecologische kennis is vaak te beperkt en staat verbetering van de kwaliteit van het natuurbeheer door boeren in de weg. Een zwakke plek is ook dat verenigingen niet laten zien wat hun natuurresultaten zijn. Met een natuurjaarverslag waarin b.v. de aantallen weidevogels, slootkantplanten of Rode lijstsoorten staan vermeld, sta je veel sterker in de discussie over wat agrarisch natuurbeheer oplevert. En sta (nog) meer open naar de samenleving: werk samen met vrijwilligers en terreinbeheerders, overleg met locale overheden over landschapsplannen en medefinanciering en vraag burgers in je bestuur. Professionele agrarische natuurverenigingen en een duurzame financiering van natuur en landschap maken zo agrarisch natuurbeheer tot een blijvend succes. En als je het beter doet, kun je terecht om geld vragen. Sluit venster |
||||||